submenu

Monica Van den Dorpel is directrice van woonzorgcentrum Palmyra - 17/05/2021

‘We hebben er alles aan gedaan om er het beste van te maken’

De coronacrisis heeft enorm ingegrepen in ons leven, maar de meest dramatische taferelen vonden plaats in onze woonzorgcentra. Een goede gelegenheid om met Monica Van den Dorpel, directrice van het woonzorgcentrum Palmyra in Drogenbos, te gaan praten. Hoe is het de directrice en de bewoners het afge

Monica Van den Dorpel werkt nog niet lang in Drogenbos. Ze heeft een pittige kennismaking met Palmyra en haar bewoners achter de rug. ‘Ik ben als interim-directrice geconfronteerd met de meest onverwachte, maar ook de meest dramatische gebeurtenissen tijdens mijn 25-jarige loopbaan in de zorgsector. Plots was het 13 maart 2020 en veranderde heel onze wereld. Onverwacht en onvoorbereid moesten wij de strijd aangaan met een onbekend virus: COVID-19.’

Ongezien en ongekend

‘In het prille begin van de coronacrisis bestond er nog geen draaiboek. Dit was iets ongezien en ongekend. We konden toen nog moeilijk inschatten wat de gevaren en de risico’s van het virus waren. We leerden pragmatisch werken, spaarzaam omgaan met materiaal en ontdekten al snel dat we er al doende mee moesten leren omgaan. Het was niet eenvoudig en heel confronterend. Door de vele zieken en onvoldoende kennis over het virus. Er waren ook heel wat bewoners die niet wisten wat er gebeurde. We voelden ons vooral machteloos. De emotionele tol voor medewerkers en bewoners was hoog. We moesten jammer genoeg afscheid nemen van een aantal bewoners. Daarna deed de quarantaine haar intrede. Er mocht geen fysiek bezoek meer binnen, sommige bewoners moesten in isolatie en gewone activiteiten zoals samen eten, samen turnen of samen ontspannen werden opgeschort. Dat was enkel nog mogelijk op de eigen afdeling. We beschikken over 120 kamers voor bewoners, verdeeld over vier verdiepingen, waar mensen met ongeveer dezelfde fysieke of mentale capaciteiten elk over hun kamer beschikken. Wij hebben ook 40 assistentiewoningen waar mensen in hun eigen flat kunnen wonen en volledig van hun vrijheid kunnen genieten, met het voordeel dat ze een beroep kunnen doen op de diensten van het woonzorgcentrum.’

Raamcontact

Het personeel van Palmyra bleef niet bij de pakken zitten. ‘We stelden alles in het werk om de maatregelen op te vangen. De optredens hebben we bijvoorbeeld buiten laten plaatsvinden en dankzij het mooie weer hebben de bewoners er toch van kunnen genieten. Velen waren boos omdat hun gewone manier van leven plots werd stopgezet. Uren hebben we doorgebracht om aan onze bewoners proberen uit te leggen waarom deze maatregelen werden genomen. We probeerden hen op te monteren en te troosten. Als alternatief werden er tablets en speciale telefoons met schermen aangekocht zodat de bewoners toch een manier hadden om te communiceren met hun familieleden. Het ‘raamcontact’ werd uitgevonden en georganiseerd. We hebben er alles aan gedaan om er het beste van te maken.’

‘Als ik na zo een hectische dag eindelijk naar huis kon, liet ik mezelf pas toe om de gebeurtenissen van die dag te verwerken en mijn emoties de vrije loop te laten. Soms kwamen er tranen aan te pas. Ook voor de rest van het personeel was het zwaar. Ze waren vaak bang, want zij dachten aan hun familieleden die zij thuis zouden kunnen besmetten. De voortdurende media-aandacht, de beelden in de media, veel van onze bewoners die ziek werden … De angst was meer dan begrijpelijk en ook zij hebben er alles aan gedaan om de moed erin te houden, en zijn steeds ontzettend hun best blijven doen. En ze doen dat vandaag nog steeds. Bewonderenswaardig! Wij waren een van de eersten die getroffen werden in maart. Toen de tweede golf eraan kwam, waren we beter voorbereid. Het draaiboek was er, we wisten wat te doen. We hadden voldoende beschermende kledij, ons personeel kon zich beter beschermen en ze waren intussen voldoende opgeleid. Onze bewoners reageerden toen wel angstiger. Gelukkig waren we ondertussen ‘ervaringsdeskundigen’ en zo hebben we de tweede golf beter doorstaan.’

‘De werksfeer is bijzonder goed onder het personeel. Dat was en is een absoluut pluspunt in crisissituaties. Dat vertaalt zich in een heel laag personeelsverloop en een lage afwezigheidsgraad. De communicatie tussen bewoners en personeel is natuurlijk belangrijk. Heel wat van ons personeel is Nederlandstalig, maar er zijn ook anderstaligen. Veel bewoners spreken gemakkelijk Frans en schakelen snel over naar het Frans. Hierdoor krijgen onze medewerkers vaak niet de kans om hun Nederlands te oefenen. Voor de coronacrisis kregen onze anderstalige medewerkers met onvoldoende kennis van het Nederlands wekelijks taallessen (i.s.m. de VDAB). Dat hopen we snel terug te kunnen opstarten.’

Ingeënt

‘Tijdens de voorbije periode hebben we veel steun gekregen van de gemeente, van de eerstelijnszone, van de vrijwilligers van het Rode Kruis, onze coördinerende en raadgevende arts (CRA) dokter Mertens en de overkoepelende diensten van Vulpia. Vandaag zijn onze bewoners en medewerkers ingeënt. We hebben ons personeel uitvoerig uitgelegd waarom het belangrijk is om zich te laten vaccineren. Hierdoor hebben we nog heel wat medewerkers kunnen overtuigen. Wie eerst nog niet overtuigd was, zal gaandeweg ook nog gevaccineerd worden. Dit is een belangrijke stap in de versoepelingen die we maar al te graag willen invoeren. Wij kunnen ook rekenen op een goede samenwerking met de gemeente, het OCMW van Drogenbos en de lokale scholengemeenschap. De samenwerking staat jammer genoeg op een lager pitje omwille van corona. Contact met het lokale gemeenschapsleven is belangrijk voor onze bewoners. Opnieuw zijn we hier beperkt door corona. We blijven echter optimistisch en hopen snel weer dansers, zangers en toneelspelers te ontvangen. Uiteraard kan dat alleen op een veilige manier. We doen hier een warme oproep aan de inwoners van Drogenbos om onze bewoners niet te vergeten. We kijken 2021 hoopvol tegemoet en kijken uit naar de positieve impact van het vaccin. 2021 is een jubileumjaar voor Vulpia. We bestaan 25 jaar en daar besteden we het komende jaar graag aandacht aan. De voorbije kwarteeuw hebben we een netwerk van woonen zorghuizen uitgebouwd dat voor kwaliteitsvol wonen en zorgen staat. De ervaring die we hebben opgebouwd en het beleid dat we voeren, hebben ons in staat gesteld om dit annus horribilis goed te doorstaan. We willen een waardegedreven en mensgerichte dienstverlening in onze woon- en zorghuizen én assistentiewoningen blijven uitdragen. Op een verbindende manier.’

Koninklijk bezoek

Een voorlopig hoogtepunt voor Monica bij Palmyra is het bezoek van een bijzonder iemand. ‘Op 9 december heeft koningin Mathilde ons vereerd met een bezoek. Zij wilde onze bewoners een hart onder de riem steken. Het bezoek verliep, op haar vraag, anoniem. Zonder al te veel protocol verbleef zij bij ons en praatte met onze bewoners. We waren onder de indruk van haar oprechte interesse en betrokkenheid. Het is een herinnering die we koesteren en een fantastische opsteker in wat nog steeds een zeer uitdagende periode is.’

 

De ontstaansgeschiedenis van woonzorgcentrum Palmyra

Woonzorgcentrum Palmyra maakt deelt uit van Vulpia. Vulpia is 25 jaar geleden, in 1996, opgericht door Luc Van Moerzeke. Het is een Belgisch familiebedrijf dat actief is in de zorgsector. Ze zijn actief in Vlaanderen, Brussel en Wallonië en beheren een netwerk van 40 residenties (woonzorgcentra en assistentiewoningen). De naam Palmyra komt van de stad Palmyra, een oase op de zijderoute in Syrië, die al van in de oudheid een heel belangrijke halte was waar doorreizende handelaars bescherming zochten tegen de bedoeïenen. De oprichter van dit huis, Medhi Vannuijs, had zelf roots in Syrië en koos daarom voor deze naam. Palmyra is erkend door het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid (VAZG). Dat betekent dat ze voldoen aan de erkenningsvoorwaarden en -normen. Het VAZG controleert en volgt dit op via (onaangekondigde) periodieke inspecties.

 

Tekst: André Lerminiaux
Foto © Tine De Wilde
Uit: kaaskrabber mei 2021